direct naar inhoud van 4.4 Archeologie
Plan: Delden-Noord, herziening St. Elisabeth e.o.
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1735.SDxElisabeth-OH10

4.4 Archeologie

Algemeen

Door ondertekening van het verdrag van Malta (1992) heeft Nederland zich verplicht om bij ruimtelijke planvorming nadrukkelijk rekening te houden met het niet-zichtbare deel van het cultuurhistorisch erfgoed, te weten de archeologische waarden. In de Monumentenwet 1988 is geregeld hoe met in de grond aanwezige dan wel te verwachten archeologische waarden moet worden omgegaan. Het streven is om deze belangen tijdig bij het plan te betrekken.

Bij ingrepen waarbij de ondergrond wordt geroerd, dient te worden aangetoond dat de eventueel aanwezige archeologische waarden niet worden aangetast.

Toetsing

Op grond van de gemeentelijke archeologische beleidskaart ligt het plangebied in een zone met een middelhoge archeologische verwachtingswaarde. Voor ingrepen dieper dan 40 cm en groter dan 5.000 m2 dient een archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd.

afbeelding "i_NL.IMRO.1735.SDxElisabeth-OH10_0018.png"

Door Synthegra Archeologie is een bureauonderzoek archeologie7 uitgevoerd. Het doel van het archeologisch bureauonderzoek was het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Voor het plangebied geldt een middelhoge verwachting voor vuursteenvindplaatsen uit het laat-paleolithicum en mesolithicum. Voor nederzettingsresten uit het neolithicum tot en met de nieuwe tijd geldt een hoge archeologische verwachting.

Uit het onderzoek blijkt dat het plangebied op een stuwwal ligt, waar gestuwde afzettingen in de ondergrond liggen. Deze gestuwde afzettingen zijn bedekt met dekzand. De oorspronkelijke bodem in het plangebied is naar verwachting een veldpodzolgrond waarop een plaggendek is opgeworpen.

In het onderzoeksgebied worden archeologische resten verwacht vanaf het paleolithicum tot en met de nieuwe tijd. Archeologische resten uit het neolithicum tot en met de vroege middeleeuwen worden onder het esdek verwacht. Archeologische resten uit de late middeleeuwen tot en met de nieuwe tijd kunnen vanaf het maaiveld worden verwacht.

De geplande grondwerkzaamheden ten behoeve van de bouw van het nieuwe verpleeghuis voltrekken zich voor een groot deel binnen de contouren van het momenteel aanwezige verpleeghuis. Het totaal oppervlak aan nieuwbouw buiten de bestaande bebouwing is circa 2.252 m2. De overige grondwerkzaamheden die dieper reiken dan 40 cm beneden maaiveld beperken zich tot één ondergrondse afvalcontainer. De onbebouwde delen van het plangebied, waar eventuele archeologische resten worden bedreigd, hebben daarmee een oppervlakte van maximaal 2.300 m2.

Op grond van de resultaten van het onderzoek wordt voor het plangebied geen vervolgonderzoek geadviseerd. De onbebouwde delen van het plangebied waar eventuele archeologische resten worden bedreigd hebben een oppervlakte van maximaal 2.300 m2. Op basis van de archeologische verwachtingen kaart van de gemeente Hof van Twente is archeologisch onderzoek in het plangebied nodig bij bodemingrepen dieper dan 40 cm én een te verstoren oppervlakte van minimaal 5.000 m2. Het plangebied valt ruim onder deze grens. Op basis van het beleid van de gemeente Hof van Twente wordt voor het plangebied geen verder onderzoek geadviseerd.

Conclusie

Na beoordeling van de regioarcheoloog is de conclusie dat er geen nader archeologisch onderzoek nodig is, aangezien het totaal oppervlak waarbinnen de bodem verstoord zal worden (het totaal oppervlak aan nieuwbouw buiten de bestaande gebouwen) ruim minder is dan 5.000 m2. Het plangebied valt hiermee ruim onder de grens waarvoor een nader archeologisch onderzoek nodig is. Op basis van het gemeentelijk beleid wordt voor het plangebied geen verder onderzoek geadviseerd.

Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor onderhavig plan.