direct naar inhoud van 4.6 Externe veiligheid
Plan: Haven (Goor)
Status: voorontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1735.KNxGOOxACTHVx-VO01

4.6 Externe veiligheid

Op 27 oktober 2004 is het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) in werking getreden. Met dit besluit wil de overheid de kans op en het effect van ernstige ongevallen beperken. Het besluit is van toepassing op bedrijfsactiviteiten met gevaarlijke stoffen (inrichtingen), het transport van gevaarlijke stoffen en het gebruik van luchthavens. Voor inrichtingen zijn wettelijke normen vastgesteld, voor het vervoer van gevaarlijke stoffen is dat nog niet het geval. Vooralsnog dient op dit laatste punt te wordengewerkt met bestaande circulaires, nota's en handreikingen zonder wettelijke status.

Met betrekking tot externe veiligheid is er in 2007 een gemeentelijke nota opgesteld. Voor bedrijventerreinen worden de navolgende ambities nagestreefd:

  • Binnen een 10-6-contour van het zogenoemde plaatsgebonden risico (PR) zijn nieuwe beperkt kwetsbare objecten eventueel gemotiveerd toegestaan.
  • In nieuwe situaties dienen de PR 10-6-contouren binnen de inrichtingsgrenzen van risicovolle inrichtingen te blijven, daarbij zijn uitzonderingen onder voorwaarden mogelijk.
  • Het invloedsgebied dat geldt voor het bepalen van het zogenoemde groepsrisico (GR) van een risicobron mag niet over woongebieden vallen.
  • Een toename van het groepsrisico wordt onder voorwaarden geaccepteerd.
  • De oriënterende waarde voor het groepsrisico wordt in nieuwe situaties als richtwaarde beschouwd.

Uit de risicokaart van de provincie Overijssel blijkt dat zich in het plangebied geen bedrijf bevindt die onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen valt.

Naast bedrijfsactiviteiten met calamiteitenrisico's moet rekening worden gehouden met vervoer van gevaarlijke stoffen. In en in de omgeving van het plangebied liggen wegen, een spoorweg en het Twentekanaal waarlangs transport van gevaarlijke stoffen plaats kan vinden. Zware (ondergrondse) gasleidingen komen in het plangebied niet voor.

Over alle straten en wegen in een in de directe nabijheid van het plangebied (met name de Rondweg) kan vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvinden. Blijkens de Risicoatlas wegtransport gevaarlijke stoffen vonden over deze straten en wegen in het recente verleden minder dan 2.500 transporten van gevaarlijke stoffen per jaar plaats. De maatgevende contour van het zogenaamde plaatsgebonden risico lag in die jaren op verwaarloosbare afstand van de weg. Ook het zogenaamde groepsrisico in het plangebied vormt geen belemmering voor de incidentele transportbewegingen.

Blijkens de Risicoatlas spoor (van 2001) werd, uitgaande van gegevens van 1998, op 21 spoortrajecten de norm van 10-6/jr voor het plaatsgebonden risico overschreden op een afstand van meer dan 10 m uit het midden van het spoor. Dit is niet het geval voor de spoorlijn Zutphen-Hengelo, waaraan het plangebied grenst. De oriënterende waarde voor het groepsrisico werd op dat moment evenmin overschreden. Uit meer recente gegevens van ProRail (2005 tot en met 2007) blijkt dat de transportomvang op het betreffende traject vrijwel ongewijzigd is gebleven. Dit betekent dat wordt voldaan aan de risiconormen en dat de spoorlijn geen belemmerende factor voor het bestemmingsplan vormt.

Het Twentekanaal wordt wel aangegeven in de Risicoatlas hoofdvaarwegen Nederland, maar het plaatsgebonden risico overschrijdt de waarde van 10-6/jr langs de oever van het Twentekanaal niet. Bovendien wordt de oriënterende waarde van het groepsrisico nergens in Overijssel overschreden.