direct naar inhoud van 3.2 Gemeentelijk beleid
Plan: Hengevelde, wijzigingsplan Needsestraat ong.
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1735.HExNeedsong-OP10

3.2 Gemeentelijk beleid

Bestemmingsplan Hengevelde

Het plangebied heeft de bestemming Groen - Groene Ruimte. Tevens is er sprake van een dubbelbestemming Waarde - Archeologie 2. Op het plangebied rust een wijzigingsbevoegdheid (Gebiedsaanduiding wro-zone - wijzigingsgebied 2). In het voorliggende wijzigingsplan wordt van de mogelijkheid gebruikgemaakt om de bestemming te wijzigen in een woonbestemming.

Structuurvisie Hengevelde

In 2009 is in opdracht van de gemeente de Structuurvisie Hengevelde opgesteld. De gemeenteraad heeft de structuurvisie vastgesteld op 10 maart 2009. De structuurvisie bevat hoofdlijnen van voorgenomen ontwikkelingen en hoofdzaken van uit te voeren beleid. In de visie is een kaart opgenomen met daarop aangegeven welke ruimtelijke activiteiten in welke gebieden gewenst zijn en zijn voorzien in de periode tot 2020.

De ruimtevraag voor wonen en werken is in Hengevelde van dusdanige omvang, dat deze niet binnen de bestaande bebouwde kom kan worden opgevangen. Daarom is ruimte nodig voor uitbreiding. Het plangebied ligt in een zone die in de structuurvisie wordt aangeduid als 'mogelijke uitbreidingsrichting wonen met versterking groenstructuur'. Het realiseren van een woning op de locatie is niet in strijd met deze visie.

Welstand

De Welstandsnota Hof van Twente is vastgesteld in juni 2004 en in werking getreden op 1 juli 2004. De nota is geactualiseerd en als zodanig vastgesteld op 23 oktober 2007. Deze nota geeft in hoofdlijnen aan welke beleidsmatige inzet en procedures het gemeentebestuur kiest voor het voeren van welstandstoezicht. Op basis van een verkenning van de gemeente zijn gebiedsgerichte criteria voor deelgebieden van landschappen en kernen en objectgerichte criteria beschreven. Het plangebied behoort tot het gebied 'buurten'. Voor dit deelgebied ligt de nadruk in de criteria bij de omgang

met de gevel en het dak. Hierin wordt aansluiting gezocht bij de andere panden in de straat. Incidenteel afwijkende panden vormen de uitzondering op de regel.

De welstandscriteria voor dit gebied zijn:

Plaatsing

  • De ligging van de bouwwerken sluit aan bij de omgeving.
  • De panden zijn op de weg georiënteerd.

Hoofdvorm

  • De panden passen in de omgeving.
  • In buurten waar dit gemeengoed is, kunnen aan de voorzijde dakkappellen worden geplaatst, mits in passende detaillering.

Gevel

  • Voor de gevel worden materialen, indelingen en openingen toegepast die passen in de tijdsperiode waarin de buurt isgebouwd.

Aan- en uitbouwen, bijgebouwen en dakkapellen

  • De toevoegingen ondergeschikt houden aan het hoofdgebouw.
  • Aansluiten bij de architectuur van het hoofdgebouw.
  • Geen dakkapel op bijgebouw.

Detaillering

  • De detaillering is in stijl met de aangrenzende panden.

Erfafscheidingen

  • Langs de openbare ruimte kwaliteit bieden.
  • Opbouwen uit duurzame materialen (steen, hout of metalen hekwerk).
  • Opbouwen uit tenminste 50% open delen met een redelijke verdeling.
  • Uitvoeren in donkere kleuren.
  • Sober en eenvoudig vormgeven.

Het bouwplan is reeds door welstand beoordeeld en voorlopig goedgekeurd.

Verkeer en parkeren

In januari 2008 is het 'Gemeentelijk Mobiliteitsplan' vastgesteld. Een belangrijke doelstelling in dit plan is het concentreren van het gemotoriseerde verkeer op een aantal hoofdwegen en het zoveel mogelijk weren van dit verkeer in woonwijken.

Het plangebied is gelegen aan de Needsestraat. Deze straat is in beheer bij de provincie. Indien er een nieuwe uitrit wordt aangelegd aan deze straat, dan dient daarvoor een vergunning bij de provincie te wordenaangevraagd.

Parkeren dient op eigen erf plaats te vinden.

Woonvisie

In april 2009 is de gemeentelijke Woonvisie 2009-2013, met als ondertitel 'groeien in Kwaliteit' door de raad vastgesteld. In de nieuwe Woonvisie wordt van een veel gematigder bouwtempo uitgegaan dan in de vorige Woonvisie uit 2003. De hoofdpunten van het beleid, dat wil zeggen aandacht voor starters en senioren, zijn nog steeds actueel. Het uitgangspunt van de Woonvisie is dat in de gehele gemeente de vestiging wordt gelijkgesteld aan het vertrek (migratiecijfer = nul) en dat wordt gebouwd voor de eigen bewoners. Voor Hengevelde is vanwege de grootte van de kern het woningbouwprogramma samengevoegd met de kernen Diepenheim en Bentelo. Het groeitempo van de drie kernen gezamenlijk is ongeveer 25 woningen per jaar. In Diepenheim, Hengevelde en Bentelo heeft het woningtekort vooral betrekking op grondgebonden woningen voor senioren, zowel koop als huur. De vraag naar koopwoningen voor senioren richt zich vooral op het segment tussen de € 200.000,-- en € 400.000,--.

Er is een beperkte vraag naar starterswoningen, zowel in huur als koop. In tegenstelling tot de andere kernen zijn er geen zwakke segmenten aan te wijzen. Voorlopig dreigen hier geen overschotten op de woningmarkt. Het plan voor de bouw van één woning past binnen de woningbouwprogramma voor Hengevelde.

Water

De Europese Kaderrichtlijn Water is richtinggevend voor de bescherming van de oppervlaktewaterkwaliteit in de landen in de Europese Unie. Aan alle oppervlaktewateren in een stroomgebied worden kwaliteitsdoelen gesteld die in 2015 moeten worden bereikt. Ruimtelijk relevant rijksbeleid is verwoord in de Nota Ruimte en het Nationaal Waterplan (inclusief de stroomgebiedbeheerplannen). Op provinciaal niveau zijn de Omgevingsvisie Overijssel en de bijbehorende Omgevingsverordening richtinggevend voor ruimtelijke plannen. Het Waterschap Regge en Dinkel heeft de beleidskaders van het Rijk en de provincie nader uitgewerkt in het Waterbeheerplan 2010-2015. De belangrijkste ruimtelijk relevante thema's zijn de Kaderrichtlijn Water en retentiecompensatie. Daarnaast is de Keur van Waterschap Regge en Dinkel een belangrijk regelstellend instrument waarmee in ruimtelijke plannen rekening moet worden gehouden.

Op gemeentelijk niveau zijn het in overleg met het Waterschap Regge en Dinkel opgestelde gemeentelijk Waterplan en het gemeentelijk Rioleringsplan van belang bij het afwegen van waterbelangen in ruimtelijke plannen.

Waterplan Hof van Twente

Het waterplan is een overkoepelend beleidsstuk over het waterbeheer in de gemeente Hof van Twente dat ook door de waterbeheerders – de Waterschappen Regge en Dinkel en Rijn en IJssel en drinkwaterleidingbedrijf Vitens is vastgesteld. Het waterplan geeft een visie hoe het watersysteem binnen de gemeente over ongeveer 25 jaar er uit ziet en welke maatregelen er op korte en lange termijn daarvoor nodig zijn. De visie wordt op basis van drie invalshoeken beschreven, te weten:

  • Twents landschap

Water speelt een belangrijke rol in het gevarieerde en kleinschalige landschap. Het water is zo ingericht dat meerdere functies tegelijk kunnen vervullen.

  • Ruimte voor water

De visie is gericht op het ontwikkelen van een robuust en veerkrachtig watersysteem met als doel wateroverlast en verdroging zoveel mogelijk te voorkomen. Om dit te bereiken is er voldoende ruimte nodig voor het vasthouden en tijdelijk bergen van water. Voor de verbetering van de waterkwaliteit dienen de vervuilende lozingen te worden beperkt.

  • Beleving van water

In de woon- en werkomgeving is water zichtbaar, bereikbaar en veilig voor bijvoorbeeld vissers en wandelaars. Om dit te bereiken, wordt het hemelwater bij voorkeur met bovengrondse voorzieningen ingezameld en geïnfiltreerd.

Gemeentelijk Rioleringsplan 2008-2012 (GRP)

In de Waterwet en de Wet milieubeheer zijn de gemeentelijke watertaken geregeld. Deze taken hebben betrekking op:

  • De gemeentelijke zorgplicht voor inzameling en transport van stedelijk afvalwater.
  • De gemeentelijke zorgplicht voor het inzamelen en verwerken van afvloeiend hemelwater.
  • De gemeentelijke zorgplicht voor grondwater(maatregelen).

De doelmatige uitvoering van deze zorgplichten is in het GRP vastgelegd en gaat uit van de volgende principes:

De trits “vasthouden – bergen – afvoeren” houdt in dat in eerste instantie getracht wordt het (gebiedseigen) water zo lang mogelijk – daar waar het valt – vast te houden (infiltratie in de bodem), indien dit niet mogelijk is dient het afstromend regenwater lokaal te worden geborgen in vijvers en watergangen. Pas in de laatste instantie – wanneer noch vasthouden, noch bergen afdoende is – kan overwogen worden het water zo traag mogelijk af te voeren naar de omgeving.

De trits “schoonhouden – scheiden – schoonmaken” omvat ten eerste het niet toelaten dat de kwaliteit van water verslechtert (schoon houden), vervolgens het gescheiden houden van schone en vuile waterstromen en als laatste het zuiveren (schoonmaken) van verontreinigd water. Door water schoon te houden en vuile waterstromen zoveel mogelijk gescheiden te houden, kan de omvang van te zuiveren water worden beperkt en tevens het zuiveringsrendement te worden verhoogd.

In het GRP zijn de gemeentelijke zorgplichten nader gedefinieerd, waarvan hierna de relevante passages worden genoemd.

Lozingen van stedelijk afvalwater worden zoveel mogelijk aangesloten op het openbaar vuilwaterriool. De emissie naar bodem, grond- en/of oppervlaktewater wordt zo veel mogelijk voorkomen. De gemeente stemt de verwerking van het hemelwater af op aard, samenstelling en hoeveelheid. Op lokaal niveau wordt een integrale afweging gemaakt ten aanzien van inzameling en verwerking van hemelwater, waarbij onder andere ruimtelijke aspecten, kosten en verkeersveiligheid een rol spelen. Particulieren kunnen daarom worden opgedragen het overtollige hemelwater op hun perceel te verwerken.

Om structureel nadelige gevolgen van hoge grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming te voorkomen of te beperken, treft de gemeente in openbaar gemeentelijk gebied maatregelen. Maatregelen in particulier gebied behoren tot de zorgplichten van de eigenaar.